Eelke Visser

Wanneer je improviseert is het niet de bedoeling om personages te bedenken en een verhaal te verzinnen. Je moet personages opvatten als alle mensen die ooit hebben bestaan, op dit moment bestaan en in de toekomst nog zullen bestaan. Echte mensen dus zoals jij en ik wier zielen continu om ons heen zijn. Je moet ernaar streven om die zielen om je heen te voelen, open voor hen te staan en hun voor de duur van een voorstelling toestemming te geven om bezit te nemen van jouw lichaam zodat ze het publiek enkele bijzondere momenten uit hun leven kunnen laten zien.

Dat klink spiritueel en je kunt je afvragen of ze er zelf zo naar kijkt maar als je Eelke ziet improviseren, lijkt het erop dat dit is wat er gebeurt. Ze bouwt haar personage niet op, ze ís die persoon die haar vriendin uithoort over een mislukte date, financieel volledig aan de grond zit of haar man tot seks probeert te verleiden met behulp van nogal vergezochte rollenspellen. Die mensen bestaan echt en Eelke kent en begrijpt hen. Dat getuigt van mensenkennis, observatievermogen, empathie. Eelke hoeft zich niet te pijnigen om iets interessants te bedenken; ze lijkt als geen ander te begrijpen dat het echte leven voldoende aanknopingspunten biedt voor boeiende scènes. Om die reden zal ze ook niet snel de spelwerkelijkheid opofferen voor een grap op metaniveau. Alsof ze daarmee geen recht zou doen aan degene in wiens leven we via haar een inkijkje krijgen; zelfs wanneer die persoon een tikkeltje gestoord is.

Eelke lijkt ook heel goed te begrijpen goed hoe zogenoemde Alice-scènes in elkaar steken. Net zoals in Alice in Wonderland maken veel scènes gebruik van de dramatische spanning tussen een relatief normaal personage (de ‘Alice’) en een relatief vreemd personage (alle andere figuren in wonderland). Eelke is zowel goed in het vertolken als het uitdagen van de ‘Alice’, al lijkt ze een lichte voorkeur voor dat laatste te hebben. Dat is ook logisch want zeg nou zelf: op het toneel is er toch eigenlijk niks leukers dan steeds gekker te mogen worden en een onschuldig persoon daaronder te laten lijden.